Als ik naar je kijk…

“When I look at you my beautiful friend, I see nothing but beauty and power and grace; and I am awestruck by the color of your wings.”

—Heather K. O’Hara

Als ik naar je kijk,
Wat zie ik daar, wie zie ik dan? Luister,
Ik – ik verstop me liever, als er nog plek is, mij niet gezien,
Liever niet gegeten worden, liever niet in de kooi.

Als jij naar me kijkt,
Zie je een vreemdeling, een monster?
Is het omdat je oog verzot is om verschillen te zien
En kijkt niet verder dan de oeroude “jager en prooi”?

Maar ik ben er ook,
Ik adem, ik kruip, ren, vlieg, ik besta,
Ik wil vrijheid ervaren, jouw steun, geen mes in de rug,
En gekrijs van hekken, broeder, ik kijk terug.

Rachmaninov -Piano Concerto No3, Op. 30, Mov. 1

26 oinks

(door Lisette Kreischer) Afgelopen februari verscheen er een nieuw Amerikaans onderzoek dat aantoont dat varkens veel slimmer zijn dat de meeste mensen dachten. Of, wellicht wisten deze mensen het diep in hun hart altijd al wel, maar was deze waarheid te pijnlijk om te erkennen, omdat varkens tevens, naast natuurlijk onder andere kippen, koeien en vissen, de meest mishandelde diersoort ter wereld is.

Het is de hartverscheurende waarheid waar wij iedere dag op De Nobele Hoeve mee leven. Dagelijks rijden hier trucs afgeladen met deze voelende en prachtige wezens voorbij, op weg naar het slachthuis. Hun dood meer waard zijnde dan hun leven. Maar we laten ons hart niet breken, want we hebben een taak hier op het erf en in dit leven. En dat is om alle meer dan menselijke wezens waar mogelijk ten dienste te staan en zo goed als het kan en lukt zij die op ons pad verschijnen een leven te bieden die gaat over liefde, veiligheid en geborgenheid.

En zo precies een jaar geleden werd De Nobele Hoeve verrijkt met een zestal roze wolken van babies. Babies van nog geen 3 maanden oud die in plaats van dat slachthuis als eindstation 3 maanden later, door een magische samenloop van omstandigheden hier terecht kwamen. Je kunt er hier meer over lezen: www.denobelehoeve.nl We voelden ons gezegend met hun komst en zijn met ze op weg gegaan.

We hadden een spannende start. Ondanks dat de babies hun bedje van stro met volle overtuiging te lijf gingen, waren ze ook onrustig en angstig. Ze kwamen van een plek die ze kenden; een warme, steriele stal, en bevonden zich nu in een natuurlijke omgeving, verrijkt met meer stro dan ze konden dromen, maar in een koude winterse periode. Hun immuunsysteem was zeer zwak en ze zaten onder de wonden. We moesten dus heel voorzichtig omgaan met hun gezondheid en ze laten wennen aan de nieuwe omgeving en nieuwe mensen. We moesten elkaars taal nog leren spreken. De eerste weken draaiden dan ook om rust, reinheid en regelmaat. We verzorgden hun wonden, ondersteunden hun immuunsysteem en lieten ze wennen aan de aanwezigheid van Margarit. De structuur van een ontmoeting met Margarit drie maal daags zorgde voor een stabiele kennismaking en de mogelijkheid om vertrouwen op te bouwen. In ieder geval voldoende om ze een maand later voor het eerst kennis te laten maken met buitenlucht en aarde onder hun hoefjes.

Op 5 april 2020 maakten de biggen voor het eerst kennis met de natuurlijke wereld. Nadat het deurtje van de stal was geopend en de frisse lucht hun neus kietelde, lanceerden ze zichzelf letterlijk in de aarde, blij dat ze konden knabbelen aan alles wat ze konden vinden; takken, modder en onze tenen. Dat was een dag van hoop. Een dag waarin we het resultaat zagen van de goedheid van de mens. Dat wanneer we ons ten dienste stellen van Moeder Aarde en ons best voor haar en haar bewoners doen, we een wereld kunnen creëren waarin iedereen welkom is en iedereen geliefd wordt. De babies waren uitgeteld en sliepen die nacht rozig in hun strobedje.

Toen het voorjaar aanbrak was het tijd om de kids kennis te laten maken met hun eigen bos, Babette’s Biggen Bos, vernoemd naar de bijzondere inmiddels overleden Babette Bot dankzij wie de biggen gered konden worden. Het bos was al op de biggen aan het wachten, maar wij moesten wachten tot de biggen sterk genoeg waren om zo’n kakofonie van natuur aan te kunnen. De biggen wisten niet wat ze meemaakten. Ieder korreltje aarde moest worden omgekeerd. Ieder plukje gras gesnoept. En eindelijk daar, in de buitenlucht, zagen we de karaktertjes wat ontpoppen. Ieder wezentje begon haar eigenheid langzaam maar zeker uit te drukken.

Het drie-dagelijkse bezoek van Margarit ging ondertussen onvermoeid door en legde een enorme basis van vertrouwen. We leerden elkaar kennen en hun immuunsysteem werd sterker en sterker. In de omhulling van veiligheid kregen ze er vervolgens steeds wat meer weide bij. Het geluk kon niet op. Er werd gebaden in de zon, gewroet in de aarde en geplaagd en gespeeld. De reden dat we dat alles zo rustig en met beleid deden, is dat deze wezens een stel peutertjes bij elkaar waren. Weesjes, zonder een moeder of een ouder varken om ze de kneepjes van het leven te leren. We konden natuurlijk niet hun moeder vervangen, maar we konden wel een moederlijke structuur van stabiliteit, overzicht en zorgzaamheid bieden. En zo kon er een band worden opgebouwd. Het was vervolgens prachtig om te zien hoe ze opbloeiden, hoe ze zelfvertrouwen kregen en hoe ze zich thuis begonnen te voelen.

We bouwden vervolgens een stal dichterbij de andere dieren en dichtbij het Nobele Hoeve huis. Op deze manier kon de integratie van start gaan met de andere bewoners van het erf en konden ze onderdeel worden van de kudde. De eerste nacht dat de biggen in hun nieuwe stal zouden slapen, hoefden we daar geen moeite voor te doen. Het was duidelijk dat ze deze verandering heel fijn vonden en ze gleden hun nieuwe strobed met veel plezier in. Geen nacht zijn ze meer teruggegaan naar hun kleinere stal in het bos.

Hun nieuwe leven kon nu echt beginnen en de weide die eerst nog wat grassprieten vertoonde werd omgetoverd tot een maanlandschap. Voor ons een teken dat het goed was.

In juni, vlak voor hun eerste berigheid was het tijd voor de sterilisatie. Dit was een must voor een goede kans op lang en gelukkig leven. We vonden dit ontzettend spannend, maar werden gelukkig ondersteund door de geweldige Peter Klaver, een fantastische dierenarts die heel vakkundig te werk ging en waardoor de varkens ontzettend snel en goed herstelden. Met twee dagen stonden ze alweer wroetend op de weide.

In de zomer groeiden ze echt op. De karakters werden duidelijk zichtbaar. Babs bleek een kleine kletskous. Ze maakt de leukste geluidjes met een ontzettend zoet stemmentje. In het begin was ze wat onderdanig en stond ze onderaan in de rangorde. Dat veranderde echter snel, want ze ontwikkelde een enorme dosis zelfvertrouwen. Lea bleek een lief en zacht knuffelkontje. Kroelen vindt ze het allerfijnst op de wereld. Martje werd de grootste van de zusters. Ze uit zich met een heel schattig piepje. Een heel duidelijke manier van uitdrukken. Setje, Veertje en Gritje houden zich nog altijd wat meer op de achtergrond en lijken echt op elkaar. Ze houden zeker ook van een knuffel, maar zullen er wat minder snel om vragen zoals Babs, Lea en Martje doen.

Inmiddels maken de biggen samen met Margarit dagelijks een wandeling naar het vertrouwde Biggen Bos. Ze volgen Margarit dan op de voet. Na het halen van een knuffel weten ze dat het tijd is om te spelen. Ook in de sneeuw. Mamma zei immers dat ook die koude, witte nattigheid goed was, dus er werd gewandeld.

Een jaar later, zijn we dankbaar voor dit proces en waar we nu met zijn allen staan. De biggen hebben het ritme van Mila en Eefje overgenomen. Er wordt goed geslapen, goed gegeten en goed gescharreld. Ze groeien als kool en ook al zijn nu 1 jaar, ze zijn nog lang niet uitgegroeid. Hun vocabulaire heeft zich ook ontwikkeld en uitgebreid. De 26 oinks die varkens zo ongeveer in hun leven spreken, worden langzaam maar zeker hoorbaar voor ons. De biggen voelen zich zichtbaar vertrouwd op het erf en met de kudde en met Margarit. Ze zijn thuis. Eindelijk thuis.

Wat een geschenk om getuige te mogen en kunnen zijn van de ontwikkeling en opgroeiing van deze prachtige en intelligente wezens. Ze kwamen op wonderbaarlijke wijze op ons pad en verrijkten onze kudde op een manier dat we onszelf niet hadden kunnen voorstellen. Naast dat we zielsveel van ze houden en ze als individuen aanschouwen en behandelen, staan ze voor ons ook symbool voor de fenomenale wezens die varkens zijn. Dat wanneer we deze wezens ruimte, liefde en een natuurlijk leven bieden we zoveel van ze kunnen leren. We kunnen de varkens die dagelijks voorbij rijden helaas niet redden, maar middels Eefje, Mila, Babs, Lea, Martje, Gritje, Setje en Veertje hopen we wel dat mensen bekend worden met varkens, dat mensen ze gaan zien als vrienden en bovenal dat mensen deze briljante wezens in hun hart sluiten, zoals wijzelf ook lang geleden hebben gedaan.

Want wij weten, als je ze leert kennen, als je ze in je hart sluit… zul je ze niet meer willen eten.

Vanuit het lijden, vanuit het verdriet, hopen we een stukje liefde, een stukje licht op aarde te brengen. Licht dat schijnt op onze kameraden, de meer dan menselijke wezens. Laten we er voor zijn.

Lisette Kreischer

Stichting de Nobele Hoeve stelt zich ten doel: het creëren van bewustwording op het gebied van welzijn van mens, dier, milieu en duurzaamheid met behulp van een vegan leefwijze – Strijbeek, Nederland  www.denobelehoeve.nl