Het Nu-moment bedenk je niet van te voren

Het draait allemaal om het NU-moment tegenwoordig. Niemand haalt meer oude koeien uit sloot. Niemand doet meer aan schuld en aflossing of wraak of ‘ja maar eerst zei je dit’. Niemand heeft het meer over zijn of haar ellendige verleden. We zitten allemaal in het quantumveld. Het is fantastisch… in het NU-moment.

Oude koeien uit de sloot halen
Maar nu wil ik het toch even over het verleden hebben. Over mensen met dementie wordt gezegd dat ze in het verleden leven. Dat is misschien waar, maar ook helemaal niet. Mijn vader leefde in de laatste fase van zijn leven heel erg in het NU(-moment). Juist omdat hij dementie had. Ik vond het een fijne tijd met hem en ik begreep hem net zo goed als altijd, misschien wel beter.
Mijn vader was af en toe – zoals veel mensen om mij heen – best wel heel goed geweest in het uit de sloot halen van oude koeien. (En ikzelf misschien ook wel, maar dat is altijd moeilijker te zien bij jezelf.) Hij was er zo goed in omdat hij eerst altijd heel lang niks zei. Hij had het niet over die paar koeien die in de sloot lagen. Pas als er net een koe te veel was bij gevallen, werden ze er allemaal in één keer uitgetrokken. Best praktisch, maar het heeft ook zo zijn nadelen. Bovendien gleden er vaak koeien terug de sloot in en die gingen dan nogmaals mee met de volgende lichting.

Stabiel bewustzijn is nodig
In dit NU-moment weet ik eigenlijk wel zeker dat ik er ook heel goed in ben of hopelijk: wás. Het heeft ook natuurlijk weer met je gemoedstoestand te maken. Als je je goed voelt, ben je geneigd te denken dat die koeien in die sloot zich wel redden. Ze zijn al oud en ervaren dus ze weten ook dat ze er vroeg of laat wel uitgehaald zullen worden. (Of eigenlijk denk je dat niet, omdat je dus helemaal niet denkt dan, maar zoiets voel je dan.)
Maar als je je slecht voelt en er nieuwe koeien in de sloot zijn gevallen dan wil je ze eruit halen en wel in dát NU-moment, maar niet nadat je eerst nog uitgebreid heel veel gedachten hebt toegelaten over hoe stom en onrechtvaardig die koeien eigenlijk wel niet zijn. (Voor stabiel bewustzijn kun je dit beter niet doen: je kunt dan het best een tunnel inrijden waar die gedachtes worden afgeketst. In géén geval stapel je ouwe koeien op elkaar!)

‘Ik rij nu een tunnel in’
In de tijd dat ik mijn vader regelmatig opzocht in het verzorgingshuis om te gaan wandelen, zat mijn vader altijd in het NU-moment. Vaak moest hij op dat NU-moment net naar een vergadering met zijn collega’s om het te hebben over een ingewikkelde werktechnische situatie met telefoondingen (mede door mijn vader kan niemand in Amsterdam zijn of haar vervelende telefoongesprek afbreken met de mededeling: ‘Ik rij nu een tunnel in’). Maar een NU-moment later wist ik hem er dan toch van te overtuigen dat het lunchpauze was en zijn collega’s er ook nog niet waren. Dan konden we wandelen en lunchen in het café tegenover het verzorgingshuis.

Mensen met dementie zijn goed in het NU-moment

Op zijn begrafenis heb ik de toehoorders alles verteld over hoe het met het NU-moment zit. Niet omdat ik vind dat je iedere mogelijkheid moet aangrijpen om te delen over jouw bewustzijnsontwikkeling, maar omdat mijn leven zo mooi was met mijn vader juist dóór in het NU-moment te zijn. En dat mensen met dementie daar nou net heel goed in zijn (ook al hebben ze het veel over het verleden). En dat als je dat zelf dan ook bent, dat je elkaar dan helemaal precies begrijpt. Omdat niks anders er meer toe doet dan alleen contact en mens-zijn. En je ook niks méér verwacht dan alleen dat je allebei BENT.

Iedereen houdt van het NU-moment
Ik vertelde op de begrafenis ook over mijn nieuwste ontdekking: iedereen houdt van het NU-moment! Als ik met mijn vader in een heleboel NU-momenten achter elkaar over straat liep, hadden wij samen heel veel sjans. Iedereen stopte om ons over te laten steken en iedereen zei ons (in de grote onpersoonlijke stad) gedag of lachte naar ons. Dat bedenk je ook niet van te voren.