Jezelf zijn en trauma

Martijn van Staveren vertelde afgelopen donderdag dat hij er heel verdrietig van kan zijn dat mensen niet zichzelf kunnen zijn. Ook als dat al lang al mág. En ook vertelde hij dat je soms kan denken dat je iets bent, maar dat dat niet waar hoeft te zijn dan. (Dat heb ik in mijzelf ook wel eens ontdekt.)

Sommige mensen die van zichzelf zeggen dat ze heel erg vrij en zichzelf zijn, kan ik nooit zo goed uit elkaar houden. Ze zien er allemaal precies even vrij en zichzelf uit. Vermeend vrije en zichzelfzijnde mannen bijvoorbeeld, dragen nóóit een goedpassende broek met een overhemd en een trui eroverheen. Ze dragen ook geen dichte schoenen, maar slippers of barefoot-schoenen met gespreide teenverplichting (daar heb ik sokken van en die zitten soms wél lekker, trouwens). En daarbij dragen ze een heel vrije slobberende broek en een los shirt dat ons het vermoeden moet geven dat ze dat t-shirt al vanaf hun vroege jeugd hebben, terwijl het er heel erg passend in het huidige modebeeld uitziet.

Ik vind het heel belangrijk dat kleren lekker zitten. Mijn moeder vond het altijd veel belangrijker hoe kleren eruit zagen. Dat vind ik ook belangrijk want dat heeft wél invloed op of iets lekker zit. Maar dat kun je alleen maar zelf voor jezelf weten. Tenzij je iemand heel goed kent en weet dat kleren in de eerste plaats lekker moeten zitten.

Mijn hele jeugd heb ik zelfgebreide truien gedragen van wol die zogenaamd niet in je huid prikte. Bij niemand. In zo’n creatieve uiting van mijn moeder, at ik dan dubbelvolkoren rechtsdraaiend zuurdesem brood met pitten en zaden dat eigenlijk alleen weg te krijgen was met heel veel chocoladepasta. Maar helaas staat chocoladepasta bol van de suiker. Met zo’n gezonde start van je leven, ga je dus nóóit meer dood. Al zou je willen. En dat is best geluk hebben.

De kleur roze en balletschoenen
Roze was de lievelingskleur van mijn moeder (voor mij). Ik begreep pas toen mijn zoon naar de kleuterschool ging, dat dat soort voorkeuren een generatie kunnen overslaan. En als mijn moeder dat ook had geweten, had dat een hoop strijd gescheeld.

Toen mijn zoon en ik in de H&M balletschoenen aan het kopen waren voor dans/balletlessen op school en ik al met zwarte schoentjes in mijn handen stond, sprak mijn zoon de voor mij dilemmerende woorden: ‘O, mama, DEZE! ROZE!, DEZE zijn PRACHTIG!’ En hij hield daarbij helemaal stralend twee roze balletschoenen omhoog.

Ik krijg er nóg pijn van in mijn hart als ik daaraan terugdenk. Ik heb mij namelijk laten leiden door de gedachte aan het dominante en bezitterige alleenheerschap van kleutermeisjes op de kleur roze. En ook door het feit dat mijn zoon ongelooflijk veel zachter leek dan alle andere kleuters in zijn klas en op de hele wereld.
Kortom: ik heb mijn zoons voorkeur naar de zwarte schoentjes gemanipuleerd met het heel kwalijke argument dat zwart – ‘zoals ik het begrepen had’ – méér voor jongens was. Wij noemen de kleur ‘roze’ al heel lang ‘lichtrood’. En het is nog steeds de lievelingskleur van mijn zoon. Gelukkig past die kleur tegenwoordig ook goed in het huidige modebeeld voor mannen. Het staat mijn zoon heel goed.

Mensen die veel zachter overkomen dan de rest van de wereld, hoeven helemaal geen onkrachtige mensen te zijn. Sommigen hebben gewoon een heel eigen stijl en houden daaraan vast. En dat is volgens mij het krachtigst van alles. Daar kwam ik natuurlijk óók later dan gewild achter.

P.s. Mijn moeder
Mijn moeder was een lieve vrouw die mooie dingen kon maken. Ze heeft veel lieve dingen voor mij gedaan. Onder andere heeft ze een roze, niet-prikkende pink panther-trui voor mij gebreid. Omdat ik zo veel van the pink panther hield. Dus dat er geen misverstanden over mijn moeder ontstaan. Ze is ondanks al haar gezondheidsovertuigingen best wel jong, en terwijl ze nog midden in het leven stond en nog maar net begrepen had dat je ook best mag ontspannen, plotseling overleden. Door een bloedvat dat het opgaf. (Dat is al jaren geleden, hoor.)