Beginnen en (niet) stoppen – Schuld: deel 3

De zanger van het laatste lied,
zoekt woorden, maar
hij vindt ze niet.
Lied: De zanger van het laatste lied, De Dijk

Als je iets niet kunt vinden, moet je er zelf voor zorgen dat het er toch komt.

Ik werd gisteren in de bijeenkomt in Zwaanshoek overvallen door een eponasme. Ik zit er nog steeds midden in en ik hoop dat het erger word. Ik vind mijzelf eponastisch, ik vind Martijn en wat hij doet giga eponastisch. Ik vind de mensen die naar Martijn gaan onvoorstelbaar eponastisch. Gisteren had ik een aantal belachelijk eponastische ontmoetingen met andere mensen, daarom ga ik vandaag een eponastische blog schrijven.

Waarom beginnen wij soms niet?
Beginnen is het moeilijkst van alles. Misschien zijn de laatste loodjes het zwaarst, maar beginnen is moeilijker. En dat is eigenlijk raar want áls je eenmaal aan iets begonnen bent, vraag je je af waarom je het niet eerder deed. Dit is de schuld van tijd. Daarom is het zaak om ‘beginnen’ naar het nu-moment te trekken. Ik heb het zo gedaan:

Zeggen wat je te zeggen hebt
Ik heb een keer in Blegny een avond georganiseerd die Zeggen wat je te zeggen hebt heette. Dat was omdat ik dat zelf tot enige tijd daarvoor nooit deed. Ik durfde dat nooit. Ik heb wel eens een spreekbeurt moeten houden en de dag dat dat was, kon ik niet uit mijn bed komen. Mijn hele lijf deed het niet meer. En toen moest ik dat de volgende dag op school uitleggen: ‘Nee, het was géén luiheid, ik kon gewoon niet uit mijn bed komen.’ 🙂 Ik ben toen gered door een heel aardige docent aan wie ik een privé spreekbeurt mocht geven, maar dat kwam meer neer op gezellig kletsen. Ik heb dus een diploma gehaald dat ik niet helemáál waard was toen (niet verder vertellen).
Maar op een gegeven moment was ik het zat dat ik het niet durfde. Ik ben toen na tien dagen zwijgen (helemaal niet moeilijk voor mij) en mediteren in een vipassana voor die spirituele internationale groep gaan staan. En toen heb ik op een héél stomme manier en met een héél stom Engels accent, een héél stom zinnetje gezegd. (Ik heb dus heus wel wat gehad aan spirituele cursussen en mag mij dat best eens realiseren en dankbaar zijn, zal ik doen.)

Thank you for everything
Ik zei aan het eind van die vipassana voor de groep: ‘thank you for everything.’ Iets beters kon ik blijkbaar niet bedenken. Een aantal vrouwen die ik daar had leren kennen, vond dat na afloop heel knap van mij. Dat maakte het extra vervelend, want ik vond dat ik dat op die leeftijd al láng had moeten kunnen. En het was dus maar één stom zinnetje. Maar: nou èn? Ik durfde steeds meer. Zelfs een Zeggen wat je te zeggen hebt-avond in Blegny organiseren.
Daar nam ik overigens te veel ruimte in, vonden veel mensen en die wreven mij dat ook in. Dat waren vooral mensen die zelf niks hadden gezegd en die dachten zeker dat het voor mij makkelijk was geweest.
Ik vond het natuurlijk heel onlief dat ze mij hadden ingewreven dat wat ik dacht dat ik te zeggen had, te veel tijd had ingenomen (ik deed het niet expres, het was de schuld van mijn verlies van grip op tijd). Ik vond het zó onlief dat ik toen ook nooit meer naar Martijnsamenkomsten zou gaan. Dit is bij mij tot nu toe een terugkerend besluit en hierin heb ik meerdere keren gefaald. En eigenlijk heb ik er heel veel aan gehad dat die mensen dat hadden gedaan. Ik kwam namelijk terecht in mijn hoofdtrauma (wat dat is, voert te ver) en dat heeft alles te maken met mijn hoofdmissie. Alleen wist ik dat toen nog niet, dat inzicht is heel geleidelijk gekomen.

Beginnen is dus alles en je mag best even stoppen. Definitief lukt mij dat in ieder geval toch niet. Mijn record ‘stoppen met naar Martijnsamenkomsten gaan’ is op dit moment anderhalf jaar. Lang hè? Ik ben dan ook echt een doorzetter. Over pauzes moet je weten: je doet dan helemaal niks. Er gebeurt dan echt niks. Je staat volledig stil. 😉

Ik heb trouwens ook een animatie gemaakt over hoe de mond van de mens gesnoerd wordt. Volgens mij is het een collectief trauma. Ik ben bij het maken van deze animatie geïnspireerd door de laatste scène van de aller-eponastische film die er bestaat en dat is de film Festen. Een Deense film die gaat over ‘wegkijken’, over de ‘gevangenis familie(verplichting)’, over ‘zeggen wat je te zeggen hebt’ en over ‘eenzaamheid’ (de allerlaatste scène). Deze film is giga eponastisch!